Wie niet in God gelooft, wordt door God een dwaas genoemd. Wie niet gelooft dat God bestaat moet wel heel veel geloof hebben. Dat uit niets iets zou zijn ontstaan. Maar het is niet het ware geloof, het zaligmakende geloof. Alleen in God is behoud. Dat God mensen dwaas noemt is niet om ze aan te vallen maar uit compassie, uit liefde. Hij zag uit de hoge hemel neer naar beneden. Hij kwam Zelf naar deze aarde om te betalen voor de zonden. Ga tot Hem, vertrouw op Hem. 

Psalm 14 vers 1: ‘Een psalm van David, voor den opperzangmeester. De dwaas zegt in zijn hart: Er is geen God. Zij verderven het, zij maken het gruwelijk met hun werk; er is niemand, die goed doet’.

De dwaasheid van niet in God geloven

Niet te geloven in God is dwaasheid. Het is vaak genoemd, we spreken over atheisten. In de tijd van David waren er geen atheisten, mensen geloofden in God. Maar alleen geloven dat God bestaat is niet zaligmakend. Het is bijna letterlijk verwoord in Psalm 53 met enige uitbreiding. Geinspireerde uileg in Romeinen 1 wat we lazen en in Romeinen 3. Dit is een ontzagwekkende Psalm om ons te doen ontwaken uit onze slaap. Om ons te helpen te weten dat we gemeenschap kunnen hebben met God.

Psalm 14 is als een brief van God, schrijft een brief aan de ongelovige. Beste dwaas, beste zondaar. Ik gebruik ze door elkaar heen. De dwaas hier is degene zonder Zaligmaker. Die is onwillig en verzet zich tegen God. Ik wil niet in God geloven, ik heb niets met Hem te maken. Zo beste dwaas, dit is wat je zegt over God en God zegt over je. Je gelooft niet in God, God gelooft ook niet in de dwaas. Zo moet je deze Psalm lezen. Wie zal winnen? Wie zal de verliezer zijn uiteindelijk? Zoals met boksen je handen zijn korter. Je wordt verslagen. We spreken over geestelijke zaken.

Psalm 14 was geschreven in een tijd van dienst, in de tempel. Het herinnert mensen aan de dood. Herinnert mensen dat ze een Schepper hebben. Gedenk je Schepper. Het werd gezongen in de tempel om mensen eraan te herinneren. Maar kijk ernaar. In Hebreeuws is het sterke taal. God spreekt wat de dwaas dagelijks zegt, die leeft alsof er geen God is.

God spreekt tot de dwaas. Ons probleem dat we lezen alsof we God niet nodig hebben. Zelf kapitein. Maar de Psalm herinnert ons dat er een Schepper is. De dwaas zegt in zijn hart: geen God. Op een andere manier: komma ertussen. De dwaas zegt: nee! komma God. Dankjewel. Ik wil nooit geloven in God zegt de dwaas.

Eerst kijken we wie de dwaas is. Wie is hij? Wat is zijn gedrag in zijn hart? Hij maakte zichzelf denkt hij. Geen Schepper nodig. Obscuur. Het goede nieuws is de grootste reddingsoperatie in de wereld is de redding van de dwaas.

Als God iemand dwaas noemt betekent het veel. Wij mogen dat niet doen, het is zelfs zonden leert de Bijbel. Als God de mens dwaas noemt gaat het over geestelijke zaken. De dwaas heeft een hoog IQ. Wij hebben ontdekt. Wij zijn slim en hebben uitgevonden dat er geen God is. Een kind een glimmende appel aanbieden als het kan bewijzen dat God bestaat. En dat het kind dan reageert: je krijgt twee appels van mij als je kunt aantonen waar God niet is.

Mensen denken dat ze beter weten. Wetenschap heeft nooit bewezen dat er geen God is. Dwaas is niet naïef. Zonder na te denken te geloven. Maar de dwaas gaat niet over intellectuele. De Bijbel spreekt over het probleem van hart. Morele conditie. Alleen God heeft de macht om het hart te raken.

Als je zegt God bestaat niet, dan heb je veel geloof nodig. Als je opstaat moet je al veel geloven dat God niet bestaat. Maar het is niet het ware geloof. De Bijbel gaat ervan uit en geeft ons geen keuze. Hoe begin de Bijbel? In den beginne schiep God de hemel en de aarde. En Johannes: in den beginne was het Woord. Niets kan de schepping verklaring. Iets kan niet uit niets zijn ontstaan.

Hoe kun je de schoonheid van een vlinder verklaren? De harmonie van hoe het lichaam functioneert? De maan, de sterren. Er moet een Ontwerper zijn. Waarom wil je het niet? Je wilt je niet onderwerpen aan God. Universele moraliteit. Zelfs al kom je bij mensen in een omgeving die niet geciviliseerd is, die hebben morele opvattingen. God heeft de wet in het hart geschreven. Spreuken 3 vers 10. De eeuw in het hart gelegd zelfs, zoeken naar God.

Gods kracht en macht zien we hier en daar. Mattheüs 5 vers 8. ‘Zalig zijn de reinen van hart; want zij zullen God zien.’ Er is een God. Denk na over Gods onderzoek in ons hart. Vers 2. Hij zag uit de hemel. Hij is groter dan je hart. Hij maakte je.

Er is een geestelijke blindheid. We kwamen in de wereld zonder ogen voor God. Augustinus, de kerkvader uit Hippo in de vierde eeuw, ontmoette een man die met een afgod kwam. Hij vroeg Augustinus zijn God te laten zien. Augustinus reageerde dat hij geen ogen heeft om zijn God te zien, maar dat hij hem ziet.

De smaak van een rot ei. Of melk dat over de datum is. Stank voor ons. Zo zijn we voor God. Geen antropologie kan het verklaren. Alles van ons is geïnfecteerd door zonden. We zondigen en zijn zondaren. Zonde is perversiteit. Voor God is zonden een grote zaak. Hij kan je in de hel werpen. In het meer van de vuur. Hij heeft ons lief en er is redding mogelijk om niet in de hel de eeuwigheid door te brengen.

We zijn zondaren en missen het doel. In vers 3: ‘Zij zijn allen afgeweken, te zamen zijn zij stinkende geworden; er is niemand, die goed doet, ook niet een’. De dwaas denkt goed te slapen. Vers 5. Maar hij heeft geen werkelijke rust. Maar zie op de redding van de dwaas. God is er niet op uit je aan te vallen.

God ziet naar beneden. Hij kwam uit. Een teken van liefde. Hij weet alles van ons. Hij kwam in de Persoon van Jezus Christus. Hij gekruisigd aan het kruis van Golgotha. Hij werd als onschuldige gekruisigd. Hij deed het voor ons. Om te zien Hij deed het voor mij en ik hoef niet in mijn zonden te sterven.

God valt je niet aan maar toont compassie. Scheid van je dwaasheid. Trouw er niet mee. Je bent een slaaf van je zonden, van jezelf. Christus Jezus betaalde de prijs. Wat moet ik doen? Vers 6. ‘Gijlieden beschaamt den raad des ellendigen, omdat de HEERE zijn Toevlucht is.’ Ren naar Hem toe. Vers 7: ‘Och, dat Israëls verlossing uit Sion kwame! […]’. De beloofde Messias is gekomen. Ik hoef geen dwaas te blijven maar kan komen tot Jezus Christus komen.

Wat moet in vanavond doen? Tot Jezus Christus komen. Als Hij wederkomt, dan zal de dood verslonden worden. De schapen zullen worden scheiden van de bokken. Als je Hem verwerpt zal je in het meer van het vuur van Gods toorn geworpen worden.

Zit er niet over in dat je hier in een dwaas genoemd worden. Maar wel dat God het tegen je zegt. Ik heb een Zaligmaker nodig. Vertrouw op de Heere Jezus Christus. Kom tot Hem.

 

Zondag 9 augustus 2020 – Metropolitan Tabernacle Londen – rev. Ibrahim – Schriftlezingen Psalm 14 en Romeinen 1 vers 18-32