Als God de profeet Jona naar Ninevé stuurt nadat hij drie dagen en drie nachten in het buik van de vis heeft gezeten, bekeert de stad zich. Een groot wonder in de geschiedenis dat zijn gelijke niet kent. Een gehele stad die zich bekeert, waar onmiddellijk de zonden nagelaten worden en de koning van zijn troon afkomt. Ook wij moeten van onze troon afkomen en ons bekeren. De mannen van Ninevé zullen anders in het oordeel tegen ons opstaan. Zij hebben zich bekeerd op de prediking. Bekeer u tot de levende God, vlucht tot Hem. Roep de Naam van de Heere aan en u zult zalig worden.

Jona 3 vers 5: ‘En de lieden van Ninevé geloofden aan God; en zij riepen een vasten uit, en bekleedden zich met zakken, van hun grootste af tot hun kleinste toe‘.

De stad die zich bekeerde

Natuurlijk, als we spreken over de stad dan spreken over mensen. We spreken over individuen. Mensen worden persoonlijk bekeerd. Jona 3 kent slechts tien verzen. Dit is een van de grootste wonderen in de Bijbel. In de geschiedenis staat het op zichzelf. Een hele stad op z’n knieën. Een stad die zich bekeerd. Stel je voor dat Londen zich nu bekeerd. Onvergelijkbaar. De koning die van zijn troon stapt en zich in zak en as vernedert. Onvergelijkbaar.

Het is niet alleen een wonder voor Ninevé, het kan voor ieder van ons een wonder zijn. Van je troon komen. Je moet naar beneden komen van je koning ik. Mij, mij, mij. We zijn zo dwaas van onszelf, gevuld met onszelf. Het moet een wonder zijn. De koning die zijn kleed aflegt, kleed van zijn koningschap, van zijn grootheid.

We moeten het kleed van eigengerechtigheid afleggen. We geven onszelf een goed cijfer. Maar hetzelfde: we moeten vertrouwen in de gerechtigheid van Jezus Christus. Mijzelf vernederen in zak en as. God is heilig, ik ben niets, Hij is alles.

Geen zonden is te groot voor de Heere van genade. We spreken over de Heere en God van genade. Jona’s preek gaat niet over barmhartigheid maar ook oordeel. Eenmaal zullen we verantwoording afleggen over alles wat we gezegd en gedaan hebben. Waarom zijn we hier? Waarom in de tijd van de pandemie? Om daarna het leven weer te vieren? Verre van dat!

In Lukas 11 lazen we over de Heere Jezus Christus die groter is dan alle profeten. Groter dan Salomo, Jona, Abraham, Mozes. Het boek van Jona is verguisd. In Mattheüs 12 spreekt Christus over de geschiedenis van Jona. Het is een historisch feit. Sommigen denken dat het nooit heeft plaatsgevonden. Maar bedenk: Christus is groter dan Jona.

Christus heeft een grote boodschap voor ons. Hij zegt in de tekst, Lukas 11, de mannen van Ninevé zullen in de hemel zijn. Velen maar of het allen is weet ik niet. Maar ze zullen opstaan in het oordeel. Zij bekeerde zich. En wat jij en ik? Wij verharden ons zo vaak. Jona was een licht voor Ninevé. Christus voor ons.

Jona drie dagen en nachten in de vis. Het is een beeld van het sterven en begraven van Christus die op de derde dag opstond uit de doden. We kunnen zoveel leren van Jona. Velen bekritiseren hem. Maar dit is een grote man, zover je dat kunt zeggen aangezien we allemaal zondaren zijn. Hij heeft de ervaring van drie dagen in de buik van de vis zijn.

Hij was uitgespuugd op het droge. Hij kreeg een nieuwe gelegenheid. Hij ging toen wel naar Ninevé. Niet met zijn eigen boodschap maar met de boodschap van God. Ik wil over de stad Ninevé spreken. Dan over de boodschap van Jona. Dan hoe de mensen in Ninevé reageerden. En dan de compassie, de bewogenheid van God voor Ninevé en voor ons nu.

Nimrod bouwde de grote stad Ninevé. Hoeveel eeuwen zaten er tussen Genesis en het boek Jona. Het was een stad met alles in zich. Een stad als Londen, Parijs, Nairobi nu. Het had vele muren. Dertig mensen hoog. Dikke muren om de stad te beschermen. Het had mooie gebouwen zoals deze stad hier. Pubs, restaurants noem het op.

De stad zat vol met verleidingen, goot zich vol met de wijn van overspel. De Assyriërs waren als een oorlogsmachine. Ik bespaar je de details. Het komt nog voor. Ze gingen meedogenloos te werk. Als waarschuwing voor andere mensen om zich niet te verzetten tegen de macht. Waarom vertel ik dit? De stad is net als ons. Jona 1 vers 2. Wij zijn in staat tot elke zonden. Intrinsiek slecht. We zijn gewillig vijanden van God en van elkaar.

Onze rebellie is groot. We hebben gezondigd tegen een heilig, een heilig!, God. We spreken over heiligheid maar we hebben geen idee wat het is. Stel je voor je hebt nooit iets verkeerd gedaan. God is heilig en is in een heilige plaats. We moeten hier op aarde vergeven om toegang tot de hemel hebben.

Een grote leugen als mensen beweren door goed te leven en een beetje op te poetsen de hemel binnen gaan. De enige weg is door de vergeving der zonden, de bedekking van de zonden. De boodschap van Jona is door God gegeven. Jona 3 vers 4. Nog veertig dagen en dan zal Ninevé vernietigd worden.

God geeft de kalender. Hij bepaalt ook de tijd. Misschien de vraag, Jona hoe overleefde je drie dagen in de buik in de vis? Stel je voor dat dat nu een getuigenis van iemand is. Dan zouden we onze oren spitsen. Nee, hij heeft een duidelijke boodschap voor Ninevé. De oproep tot bekering.

Zijn boodschap was acht woorden. In het Hebreeuws was het slechts vijf woorden. Misschien waren dat de enige woorden die hij kende in de lokale taal. Hij zei meer dan dat maar dit is alleen opgetekend en nodig voor ons. Bekeer je en geloof. Spurgeon zei: het is omkeren of afwijzen.

Kijk naar de reactie van de mensen van Ninevé. Ik wenste dat ik de hele avond had om daarover uit te wijden. Hoe ze reageerden op de boodschap van God. Vanaf vers 5-10 gaat het niet over Jona. Geen interactie ertussen als het gaat om bekering tot God. Direct tussen mensen en God. De stad kwam tot inkeer.

Zelfs zo dat zonder dat Jona een wonder deed. Is dat niet bijzonder? Mensen willen wonderen zien. Zie je het wonder? Het Woord van God. Dat is het wonder. De kracht zit in het Woord. Ze bekeerden zich zoals in Lukas 11 staat. Waarom zijn ze belangrijk deze eenvoudige woorden? Om vanavond bekeerd te worden tot God.

Misschien hoorden ze het Evangelie voor het eerst. Zij geloofden in God. De Naam Jehova, de onuitgesproken Naam van God. Bekering moet met geloof gemengd zijn. Hebreeën 11. Het staat er over Jakob, over Abraham. Hier ook hun geweten ging spreken over hun zonden.

Ze geloofden in het Woord van God. Niet je vertrouwen stellen in het hier en nu, politici. Ze riepen een vasten uit. Wat ze nodig hebben voor de ziel is belangrijker dan het hier en nu. Velen die van hun buik hun afgod hebben gemaakt. Er is iets groters.

Ze vasten niet alleen van het eten maar ook van zonden. Dat is echte bekering. Ze lieten het drinken na. De mens zal bij brood alleen niet eten. Ze bogen zich. Vernederen zich in zak en as. Ze kwamen in diepe overweging over hun zonden. Ze wilden de laatste mode niet meer. Ze wilden dan hun zonden vergeven werden.

De koning riep uit dat iedereen, de grote en kleine, geen ras, geen racisme. Bekering is persoonlijk. Iedereen moet zich keren van zijn kwade weg. Dat is bekering. De monarch maakte zich klein. Dat is bekering jezelf klein maken. De koning werd een Evangelist. Het goede nieuws proclameren aan het volk.

Keer terug tot God. We wensten dat er een monarch was vandaag de dag die dat doet. Groot uitroepen tot God. Niet tot de koning, niet op posities gericht. Naar God. Alles stopte. De eerste afgrendeling [Engels: lockdown] was met de ark van Noach. Dit was de tweede. Het tumult stopte in de stad. De wagens stopten. Ze bekeerden zich tot God. Nee, ze wachten niet veertig dagen door God uit te dagen. Ze werden bedelaars.

Ze vragen zich af: wie weet God mocht zich bedenken. Ze maakten zich geen illusies. Wat weten wij wel niet uit het Woord over Gods goedheid. Jonathan Edwards preekte over zondaren in de hand van de boze God, velen kennen de preek. Hier gaat het over de genadige God.

God stuurde Jona om Zijn boodschap te brengen. Ze bekeerden zich. De zegen kwam op hen door God. God stuurde een zegen naar Ninevé. God heeft geen behagen in de dood van een zonden. God stuurde Zijn Zoon de Heere Jezus Christus, de Zaligmaker, naar de hele wereld.

De Assyriërs kenden geen genade, naar niemand. Maar God wel. In Christus. Christus is groter dan allen. Hij kwam uit de hemel en legde Zijn kleed af. Naar deze aarde daalde Hij af. Ze kruisigde Hem. Hij legde Zijn leven af. Een zekere zaligheid. Wie weet of God u bezoekt. God hoeft Zich niet te bekeren. God is geen mens. De mens heeft gezondigd en moet zich bekeren.

God spreekt door de pandemie. Ik geef ze nog een laatste waarschuwing. Ik weet niet of dit de laatste is. Zullen de mensen uit Ninevé opstaan in het oordeel tegen u en jou? Roep de Naam van de Heere aan en u zult zalig worden. De bekering van de stad.

 

Zondag 5 juli 2020 – Metropolitan Tabernacle Londen [Verenigd Koninkrijk] – rev. Ibrahim – Schriftlezingen Jona 3 en Lukas 11 vers 23-36